maandag 21 januari 2013

shelter





It's a day, like I haven't seen in a long time.
Outside it is cold, gray, dreary.
As radiant as a winter's day can be, as bleak as it is now.
In my bed I hear the raging of the wind.
The friendly morning light that usually smiles at me in the morning,
is now cold, not welcoming at all.
The cold wind blows in through the ventilation and I shiver.
I pull up the covers and I snuggle a little deeper in my warm bed.



Het is een dag zoals ik lang niet heb meegemaakt.
Buiten is het koud, grijs, somber.
Zo stralend als een winterse dag soms kan zijn, zo somber is het nu.
In mijn bed hoor ik de wind razen.
Het vriendelijke ochtendlicht wat me gewoonlijks s'morgens tegemoet lacht,
is nu koud, absoluut niet verwelkomend.
De koude wind stroomt door de ventilatieluikjes naar binnen en ik huiver.
Ik trek de dekens wat hoger en nestel me nog wat dieper in mijn warme bed.



It is the kind of weather, that makes me think of old Dutch winter scenes.

It's the kind of weather, that makes me think of the passages from Jane Eyre,
in which she describes, how she and the other orphans 
make their way to church in the harsh winter weather. 
With nothing else to protect them against the cold than their thin insufficient clothing.

The weather makes me think of the regional novels, 
that I've read so many of. 
Of wide meadows, bare trees covered with snow and ice 
and a lonely farmer on a bike.

The kind of weather that makes your hands numb and turn red and wrinkly.
Weather that makes you want to cover up your head, and turns your nose red within no time.

Weather that makes arch your back, pull up your collar and hastily set pace to your destination.

Cold that you not only feel, but see and even smell in the cold winter air.

Weather that speaks to your imagination.

Grim.


Het is weer dat me doet denken aan oudhollandse wintertaferelen.

Weer dat me doet denken aan de passages uit Jane Eyre, 
waarin ze beschrijft, hoe zij samen met andere weeskinderen
 in het barre winterweer zich op weg begeeft naar de kerk, 
met niets anders om zich tegen de kou te beschermen dan hun dunne ontoereikende kleding.

 Het doet me denken aan de streekromans die ik zo veel heb gelezen.
Aan uitgestrekte weilanden en kale bomen, bedekt met sneeuw en ijs. 
En een eenzame boer op een fiets.

Het is het weer waarin je handen verkleumen en rood en rimpelig worden.
Weer waarin je je hoofd het liefst wil bedekken en je neus in onafzienbare tijd rood kleurt.

Het is weer waarin je voorover buigt, 
je kraag wat hoger trekt en met haastige tred op weg gaat naar je bestemming.

Kou die je niet alleen voelt maar ziet en zelfs ruikt in de koude winter lucht.

Weer wat tot de verbeelding spreekt.

Guur.




In here, I put on a warm vest.
I put on soft warm slippers and turn up the heat.
I make a nice cup of tea, read a book and look outside.
And maybe it's because of the contrast that I enjoy it even more.


Hier binnen, trek ik een warm vest aan. 
Ik doe zachte warme sloffen aan en zet de verwarming een graadje hoger.
 Ik zet een lekker kopje thee, lees een boek en kijk naar buiten.
En misschien is het vanwege de tegenstelling dat ik extra geniet.





Er is een fout opgetreden in dit gadget